Marrons


Afaka

De boekoeman van het Afakaschrift

Op welke wijze kwam Afaka aan zijn tekens?

Laten we eens horen wat hij daar zelf over zegt:

Toen heeft de Heer God gelachen. Hij zond een geest naar die Afrikaan, genaamd Oesa. Hij bracht hem in diepe slaap. Hij ging en riep hem, Oesa! Die luisterde. Hij zei: Ik zal U een last te dragen geven; wanneer gij naar Gods land gaat zult gij Uw loon vinden in Gods land. Hij nam een blad papier en gaf dit aan Oesa, zonder inkt, zonder (schrijf-)stift. Oesa zei: Wat moet ik doen met dit papier? De geest kwam en zei: Gij zult alles krijgen wat nodig is. Toen liet hij een ster verschijnen (op deze plaats in de tekst is een komeet getekend met een brede staart, die dun uitloopt), met vuur.

De Heer toonde een teken. Hij zei: Ogen zullen zien, oren zullen horen. Dan geeft hij de Aukaners papier (=schrift). Hij begint een grote oorlog. In de maand van de ster ontstond het schrift. Afaka werd ook Atoemisi (letterlijk: hij erg veel, of: hij teveel) genoemd. Verder had hij, naar oud-Afrikaans gebruik, een nieuwe naam aangenomen toen hij met het schrift begon. Dit deden ook zijn volgelingen, die van hem het schrift leerden. Zij noemden zich ’bukuman’. De ’boeknaam’ van Afaka was Oesa (misschien een afkorting van Oen sabi, d.i. wij weten); Abena, zijn zwager, had als boeknaam Mi Wan (letterlijk: ik alleen). Lees verder ...